Wie doet wat in een Bednet-traject?

In een Bednet-traject zijn heel wat mensen betrokken: Wie heeft welke rol?

Bednet

  • Info en advies: Een consulent van Bednet ondersteunt bij de voorbereiding en het gebruik van Bednet. Hierbij is aandacht voor de technische, pedagogische en socio-emotionele aspecten.

  • ICT-ondersteuning: Bednet levert al het nodige computermateriaal voor leerling en school. De Bednet-helpdesk ondersteunt bij technische vragen en problemen.

  • Samenwerking: Bednet stimuleert een vlotte communicatie, duidelijke taakverdeling en samenwerking tussen alle betrokkenen. 

  • Leerling centraal: Bednet stimuleert de aandacht voor de mening en betrokkenheid van de zieke leerling zelf: wat wil de leerling? wat kan de leerling? wat heeft de leerling nodig? 

School

  • Leerlingenbegeleider / Zorgcoördinator: bespreekt samen met de leerling en zijn ouder(s) (of zorgverlener) welke plaats Bednet heeft in het onderwijstraject tijdens ziekte, o.a. de selectie van leerdoelen, vakken en lessen en de afspraken over de evaluatie van de Bednetter. Volgt het gebruik en de tevredenheid van Bednet mee op, in de school en bij de leerling.

  • Leerkracht(en) zijn en blijven de experten in het les geven, ook via Bednet. Zij stimuleren mee de betrokkenheid tussen Bednetter en klasgroep. Ze volgen het Bednet-traject mee op en maken zorgen of problemen bespreekbaar met de leerling/ouder(s).

  • ICT-coördinator: Hoewel Bednet beschikt over een helpdesk en de nodige gebruikersondersteuning ter beschikking stelt zal de ICT-coördinator bij uitstek een belangrijk aanspreekpunt zijn voor leerkrachten in de school om eventuele bijkomende technische gebruikersondersteuning te bieden: hij of zij helpt in het voorbereiden van het schoolnetwerk, het installeren van het Bednet-materiaal (hardware en software) en in het technisch ondersteunen van de leerkrachten bij het Bednet-gebruik.

  • School: blijft verantwoordelijk voor het onderwijstraject van de leerling, ook tijdens een periode van ziekte en herstel. 

  • CLB: is partner bij de uitbouw van (Bednet in) een zorg- en onderwijstraject voor een zieke leerling. Leerlingenbegeleiders en leerkrachten, maar evenzeer ouders en kinderen zelf kunnen er terecht.

Leerling en ouder(s) (of zorgverlener)

  • Het kind of de jongere: is gemotiveerd om met Bednet te werken, de lessen te volgen, actief deel te nemen aan het klasgebeuren en contact te maken met zijn klasgenoten en leerkracht(en). Draagt bij aan het maken en opvolgen van goeie afspraken. Draagt zorg voor het materiaal.

  • Ouder(s) of zorgverleners: ziet het zitten om Bednet te gebruiken en mee te begeleiden voor zijn kind. Maakt zorgen of problemen bij het Bednetten bespreekbaar met de school of met Bednet-consulent of -helpdesk. 

Artsen, ziekenhuizen, therapeuten en andere betrokkenen 

  • Medische partners bespreken met de leerling en zijn ouder(s)/begeleiders hoe Bednet past in het onderwijstraject tijdens ziekte, behandeling en herstel. Volgen de haalbaarheid mee op en de afstemming met andere vormen van onderwijsondersteuning (bijv. ziekenhuisschool)

  • Bednet werkt nauw samen met ziekenhuizen, artsen, therapeuten en andere organisaties om ervoor te zorgen dat het gebruik van Bednet zo goed mogelijk aansluit bij wat een zieke leerling lichamelijk en emotioneel aankan.

Hoe verloopt zo'n samenwerking? Lees de getuigenissen van leerkrachten en onderwijspartners op onze website.

Naar de verhalen

Wie doet wat in een Bednet-traject?